PD-1 ook bij andere kankers?
Een tumor die het immuunsysteem afremt. Dat lijkt er aan de hand te zijn bij sommige vrouwen met borstkanker én een mutatie in het BRCA-1 of -2-gen, zo blijkt uit onderzoek van dokter Quirine Manson in het UMC Utrecht. “Het lijkt erop dat deze patiënten mogelijk baat kunnen hebben bij immunotherapie. Tot nu toe is die met name beschikbaar voor patiënten met uitgezaaide long- of huidkanker.” Borstkanker is bij vrouwen de meest voorkomende vorm van kanker. In Nederland wordt de ziekte jaarlijks bij meer dan 15.000 mensen vastgesteld. Ondanks een sterke afname van de sterfte aan borstkanker, overlijden jaarlijks nog steeds meer dan 3.000 vrouwen aan de gevolgen ervan. De behandeling van de ziekte kan bestaan uit hormoon-, medicinale en of chemotherapie, opereren en bestralen.

Erfelijke aanleg

Van de vrouwen die borstkanker krijgen, heeft ongeveer 5 tot 10 procent hiervoor een erfelijke aanleg. Zij hebben een verandering (mutatie) in het DNA van het BRCA-1- of BRCA-2-gen. Vrouwen met deze mutatie hebben een risico van 60 tot 80 procent om ooit in hun leven borstkanker te ontwikkelen. Voor vrouwen zonder de BRCA-1- of -2-mutatie is dat risico ongeveer 15 procent. Ook bij mannen kan borstkanker voorkomen. Hebben zij de BRCA-1-of-2-mutatie, dan is het risico om deze ziekte te ontwikkelen 3 tot 7 procent.

Ongevoelig

Bij een deel van de patiënten met borstkanker valt hormoontherapie of behandeling met trastuzumab af als behandelvorm. Reden is dat het type tumor dat zij hebben daar ongevoelig voor is. Dit heet ook wel triple-negatieve borstkanker. Hiervan is sprake bij vijftien procent van de patiënten met borstkanker zónder en bij 60 procent van deze patiënten met een BRCA-mutatie. “Mogelijk kan immunotherapie voor deze vrouwen in de toekomst uitkomst bieden”, vertelt dokter Manson. In het laboratorium onderzocht zij onder meer de immuunreacties in weefsel van ‘normale’ borsttumoren en borsttumoren van patiënten met een BRCA-mutatie. Op 25 juni promoveerde zij op haar onderzoek.

Goed en langdurig

Immunotherapie bij kanker heeft tot doel om het eigen immuunsysteem zo te ondersteunen, dat het kankercellen herkent en vernietigt. Tot nu toe wordt immunotherapie met name ingezet bij uitgezaaide longkanker en bij uitgezaaide huidkanker (melanomen). Dokter Manson: “Van immunotherapie is bekend dat àls patiënten erop reageren, de resultaten veelal goed en langdurig zijn. Ook zijn er minder bijwerkingen dan bijvoorbeeld bij chemotherapie.” Onderzoekers bestuderen of immunotherapie ook bij de behandeling van andere vormen van kanker effectief kan zijn, zoals bij triple-negatieve borstkanker, die niet gevoelig is voor hormoontherapie.

Rem eraf

Uit laboratoriumonderzoek van dokter Manson blijkt dat bij een deel van de patiënten met borstkanker én een mutatie in het BRCA-1- of -2-gen het immuunsysteem sterk is afgeremd door de tumor. Dat werkt zo: het eiwit PD-1 reguleert de immuunrespons. Als het bindt aan het molecuul PD-L1, wordt de immuunreactie afgeremd. Normaal gesproken beschermt het lichaam zich zo tegen auto-immuunreacties, waarbij het immuunsysteem nodeloos op hol slaat. Een nuttige functie dus. Maar bij borstkankerpatiënten met een BRCA-1- of -2-mutatie, worden PD-1 en PD-L1 vaker actief dan bij borstkankerpatiënten zonder deze mutatie en remmen ze, gekoppeld aan elkaar, het immuunsysteem sterker af. “Immunotherapie zorgt ervoor dat PD-1 en PD-L1 zich niet aan elkaar kunnen binden”, vertelt Quirine. “Door zo de rem van het immuunsysteem te halen, krijgt het meer slagkracht tegen tumorcellen.” Juist omdat patiënten met borstkanker en een BRCA-1- of -2-mutatie een hoger risico hebben op borstkanker én bij 60 procent hormoontherapie niets uithaalt, zijn zij mogelijk goede kandidaten voor immunotherapie, volgens dokter Manson. Haar bevindingen geven aanleiding om daar aanvullend klinisch onderzoek naar te doen.

Nobelprijs

De Nobelprijs voor Geneeskunde in 2018 ging naar James P. Allison en Tasuku Honjo. Zij ontdekten hoe de remfunctie van het afweersysteem functioneert en slaagden erin om de rem van afweercellen te ontkoppelen. Die ontdekking heeft de basis gelegd voor immuuntherapie bij kanker. Het is niet voor het eerst dat een behandeling tegen kanker de Nobelprijs krijgt. In 1988 ging de prijs bijvoorbeeld naar Gertrude Elion en George Hitchings voor de ontwikkeling van medicijnen voor chemotherapie. Toch is dit onderwerp, volgens het Nobelcomité, onverminderd actueel. ‘Wereldwijd sterven er jaarlijks nog steeds miljoenen mensen aan kanker, dus nieuwe behandelingen blijven hard nodig’.  
Over de schrijver
Michael van Gils is orthomoleculair therapeut en heeft zijn specialisme in de epi-genetica. Michael heeft veel ervaring met het geven van lezingen op het gebeid van de orthomoleculaire geneeskunde en epi-genetica
Reactie plaatsen